A A A
verkeerstekens header TheorieCursus.nl

Doorgetrokken streep.

Artikel 76 van het RVV
1. Een doorgetrokken streep die zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevindt, mag niet worden overschreden.

2. Het eerste lid is niet van toepassing als:

  1. de streep wordt overschreden om een naast de gevolgde rijstrook gelegen vluchthaven, vluchtstrook of spitsstrook te bereiken of te verlaten;
  2. aan de zijde vanwaar men de streep overschrijdt een onderbroken streep is aangebracht;
  3. zich een doorgetrokken streep bevindt tussen rijstroken voor verkeer in tegenovergestelde richtingen en aan de rechterzijde van de doorgetrokken streep een onderbroken streep is aangebracht;
  4. zich een doorgetrokken streep bevindt tussen een rijstrook en een fietsstrook, voor bestuurders die ingevolge artikel 10, tweede lid, de fietsstrook mogen gebruiken.

 


Een rijbaan kan door strepen in rijstroken voor verkeer in beide richtingen worden verdeeld. Als dit gebeurt door een doorgetrokken streep mag je de doorgetrokken streep niet overschrijden. Dit betekent dus dat je niet mag inhalen, niet mag keren, niet aan de linkerzijde van de weg parkeren of naar links een weg of een inrit inrijden. Je mag je nu helemaal niet links van de streep bevinden.

Wanneer op een weg met verkeer in een richting de rijbaan wordt verdeelt door doorgetrokken strepen geldt hetgeen hiervoor beschreven is. Echter met een uitzondering, je mag je nu wel links van de doorgetrokken streep bevinden, maar dan niet de doorgetrokken streep overschrijden naar rechts.